Gidsen & NaslagBegrippen uitgelegd

Claude Code begrippen uitgelegd

Rond Claude Code zweeft een wolk aan jargon: Skills, Agents, Sub-agents, MCP, Plugins, CLAUDE.md. Klinkt technisch, maar de ideeën erachter zijn doodeenvoudig. Deze gids legt ze uit in mensentaal, met alledaagse analogieën. Geen voorkennis nodig.

Agents

In mensentaal: tijdelijke kopieën van Claude die parallel werken.

Stel je voor dat je een stapel van 50 documenten moet doornemen. Eén persoon die ze na elkaar leest, doet er eeuwen over. Maar wat als je 50 stagiairs had, elk met één document? In seconden klaar. Dat zijn agents: Claude kloont zichzelf, geeft elke kloon een stukje van het werk, laat ze tegelijk werken, en bundelt daarna de resultaten.

Wanneer gebruiken: veel gelijkaardige taken die los van elkaar kunnen. Tien vacatures vergelijken, honderd feedbackreacties categoriseren, zes concurrenten onderzoeken.

Wanneer níét: één ingewikkelde taak die stap voor stap moet, waarbij elke stap op de vorige voortbouwt.

Sub-agents

In mensentaal: vaste adviseurs met een blijvend perspectief.

Waar agents uitzendkrachten zijn (komen, werken, weg), zijn sub-agents vaste teamleden. Je legt er één keer een persoonlijkheid voor vast, een “sceptische investeerder”, een “veeleisende klant”, een “nuchtere redacteur”, en die staat voortaan altijd klaar. Vraag je drie sub-agents om hetzelfde voorstel te beoordelen, dan krijg je drie verschillende invalshoeken in één keer.

Onder de motorkap is een sub-agent gewoon een tekstbestand (in de map .claude/agents/) met een naam, een beschrijving en een stukje uitleg over wie deze “persoon” is en hoe die feedback geeft. Meer is het niet.

De vuistregel: agents zijn voor volume, sub-agents zijn voor wijsheid.

Skills

In mensentaal: je eigen snelkoppelingen voor terugkerend werk.

Heb je een taak die je telkens op dezelfde manier doet, een wekelijks rapport, een vaste manier om e-mails te beantwoorden, een bepaald soort analyse? Een Skill (vaak een eigen slash-commando) bundelt die instructies één keer, zodat je ze met één woord oproept. De /start-1-1-commando’s in de cursus zijn precies dat: kant-en-klare instructiebundels die Claude inlaadt zodra je ze typt.

Denk aan: een opgeslagen recept. In plaats van elke keer alle stappen op te sommen, roep je het recept op en Claude weet wat te doen.

MCP

In mensentaal: stekkers waarmee Claude met je andere tools praat.

MCP staat voor “Model Context Protocol”, maar de naam doet er niet toe. Het komt hierop neer: standaard werkt Claude met je bestanden, maar met een MCP-koppeling kan het ook praten met externe diensten, je agenda, je mailbox, een database, je boekhoudpakket, je projecttool. Het is als een stekkerdoos: je plugt een dienst in, en Claude kan er voortaan mee werken.

Concreet voorbeeld: voor een yogastudio zou je de ledendatabase of het reservatiesysteem kunnen koppelen, zodat Claude rechtstreeks met die gegevens kan werken in plaats van met losse exports.

Plugins

In mensentaal: kant-en-klare uitbreidingspakketten.

Een plugin is een bundeltje extra mogelijkheden dat iemand anders al heeft gemaakt en dat je in één keer installeert. Vaak zit er een combinatie in van Skills, sub-agents en MCP-koppelingen rond een bepaald thema, bijvoorbeeld een marketingpakket of een SEO-pakket. In plaats van alles zelf op te bouwen, installeer je het pakket en je bent vertrokken.

Denk aan: een app installeren op je telefoon. Iemand bouwde het, jij plukt de vruchten.

CLAUDE.md

In mensentaal: het geheugen van je project.

Standaard vergeet Claude alles zodra je een sessie sluit. CLAUDE.md lost dat op: het is een bestand dat Claude élke sessie automatisch leest. Je zet er de context van je project in, wie je bent, waar je aan werkt, hoe je wil dat er gecommuniceerd wordt, en Claude kent dat voortaan, zonder dat je het telkens opnieuw moet uitleggen.

De analogie: het is de briefing die je een nieuw teamlid op dag één geeft. Wat moet die persoon weten om meteen nuttig te zijn? Dat zet je in je CLAUDE.md.

Je kan er meerdere hebben, die samenwerken in een hiërarchie:

NiveauWaarWaarvoor
Globaal~/.claude/CLAUDE.mdJouw persoonlijke voorkeuren, overal geldig
ProjectIn de projectmapContext van dat specifieke project
MapIn een submapSpecifieke regels voor dat deel van het werk

Het specifiekere niveau overschrijft het algemenere, net als de grondwet (CLAUDE.md) boven de dagelijkse wetten (je losse prompts) staat.

Even alles op een rij

BegripIn één zinAnalogie
AgentsTijdelijke klonen die parallel werkenEen leger stagiairs
Sub-agentsVaste adviseurs met een eigen kijkJe persoonlijke adviesraad
SkillsSnelkoppelingen voor terugkerend werkOpgeslagen recepten
MCPKoppelingen met externe dienstenEen stekkerdoos
PluginsKant-en-klare uitbreidingspakkettenApps installeren
CLAUDE.mdBlijvend projectgeheugenDe briefing voor een nieuw teamlid

Welke heb je nu echt nodig?

Begin je net? Dan kom je een heel eind met bestanden (het @-symbool), agents, sub-agents en CLAUDE.md. Dat is precies wat de gratis cursus je leert. Skills, MCP en plugins zijn de volgende laag, handig zodra je workflow groeit, maar geen voorwaarde om vandaag al productief te zijn.


Wat nu

Wil je deze begrippen in de praktijk zien? Volg de gratis cursus of grijp naar het spiekbriefje als snelle naslag.

Klaar om dit zelf te doen?

Zet de stap van lezen naar doen, in je eigen project, stap voor stap.

Start de Claude Code cursus →Bekijk de 25 specialisten →